Plusjop begon in 2017 met handel in restpartijen vanuit een bollenschuur. Inmiddels ontwikkelt het bedrijf eigen producten, verkoopt het internationaal en won het dit jaar de WBG Groeiparelprijs. Voor eigenaar Dennis Hulst is dat vooral een bevestiging om door te blijven bouwen. “Je wordt geen ondernemer om een derde plek te accepteren.”

Wat begon met handel in restpartijen groeide vooral door goed naar klanten te luisteren. “Klanten vroegen steeds: kunnen jullie dit ook leveren? En dat gingen we dan uitzoeken.” Zo werd Plusjop steeds meer een online leverancier en volgde ook de stap naar eigen productontwikkeling. Die ontwikkeling ontstond niet vanuit een vastomlijnd plan, maar vooral door kansen te zien en daarop in te spelen.

Zelf oplossingen bedenken
Een mooi voorbeeld is de grindplaat. Plusjop liet daarvoor in 2020 een eigen spuitgietmatrijs, een mal, ontwikkelen. Het
duurde zo’n tweeënhalf jaar voordat het product helemaal naar wens was. Inmiddels wordt ook aan nieuwe producten gewerkt.

Die zoektocht naar betere oplossingen zie je breder terug. Plusjop ontwikkelde bijvoorbeeld werkhandschoenen met bamboe en kijkt voortdurend hoe producten, verpakkingen en transport slimmer en duurzamer kunnen. Ook buiten Nederland groeit het bereik. Stilzitten past niet zo bij Dennis. “Je wordt geen ondernemer om een derde plek te accepteren.”

Regionale verbondenheid
Kort na de winst tijdens het Ondernemersgala kwamen WBG-voorzitter Hans-Peter Baars en verenigingsmanager Renate van der Laan op bezoek bij Plusjop. Voor Dennis had dat ook een persoonlijk tintje. “Bij Hans-Peter heb ik vroeger nog stagegelopen, bij zijn werf Ventis. Dat maakt het extra leuk.”

De winst van Plusjop laat zien hoe veelzijdig ondernemerschap in Westfriesland is. Bedrijven hoeven niet groot of opvallend te beginnen om zich sterk te ontwikkelen. Ook vanuit een praktische basis kun je blijven vernieuwen, professionaliseren en groeien. Voor Dennis hoort daar ook de verbinding met andere ondernemers in de regio bij. “Ik zie het Parelschap niet alleen als erkenning, maar ook als een manier om meer aansluiting te vinden bij het Westfriese bedrijfsleven. Elkaar kennen, ervaringen delen en waar mogelijk iets voor elkaar betekenen: juist daar zit de waarde van een regionaal ondernemersnetwerk.”